Coronacrisis en omgevingsrecht in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Update 29 Mei 2020

News

Ook de Brusselse Hoofdstedelijke Regering heeft een besluit goedgekeurd tot opschorting van alle verplichte termijnen en beroepstermijnen, evenals van alle termijnen waarvan het verstrijken een juridisch gevolg heeft.

De voorziene opschorting duurde aanvankelijk één maand en liep van 16 maart tot en met 15 april 2020. Deze termijn kon evenwel tweemaal met eenzelfde duur verlengd worden door een besluit waarin de regering de noodzaak om dit te doen verantwoordt in het licht van de evolutie van de gezondheidssituatie.

Inmiddels verlengde de regering deze termijn een eerste keer tot 15 mei 2020 en vervolgens tot 15 juni 2020. 

1. Welke termijnen worden precies geschorst?

Het betreffen alle termijnen waarvan de niet-naleving een sanctie oplevert. Bijvoorbeeld:

  • De afgifte van de stedenbouwkundige vergunningen conform het nieuwe Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (verder BWRO), want de vergunningsaanvraag wordt geacht geweigerd te zijn wanneer de beslissing van de gemachtigde ambtenaar binnen de vereiste termijn uitblijft;
  • De termijn om een beroep bij de Regering in te dienen;
  • De termijn waarin het Stedenbouwkundig College zijn advies moet uitbrengen of de beslissingstermijn van de vergunningverlenende overheid. 

Maar het betreffen ook niet verplichte termijnen. Meer in het bijzonder, termijnen die bij het verstrijken ervan juridisch gevolgen teweeg brengen. Een voorbeeld:

  • Artikel 175/6 van het BWRO voorziet dat de vergunningsaanvrager zijn dossier aanhangig kan maken bij de Regering, indien het begeleidingscomité, dat belast is met een effectenstudie, zijn beslissing niet binnen de voorziene termijn bekendmaakt ;

Termijnen waarvan de niet-naleving geen juridische gevolgen heeft, blijven gewoon doorlopen.


2. Wil dit alles zeggen dat het gehele vergunningverlenende apparaat stil ligt?

Het Gewest geeft alvast aan dat dit niet de bedoeling is. Openbare onderzoeken en overlegcommissies kunnen dan wel niet plaatsvinden, maar de overheid kan wel handelingen stellen die verenigbaar zijn met de genomen maatregelen in de strijd tegen het Coronavirus:

Opnieuw enkele voorbeelden: 

  • De verzending van ontvangstbewijzen;
  • De verzending van de adviesaanvragen aan instanties;
  • Indien de betrokken overheidsdienst werkt, het opmaken en uitbrengen van adviezen, al wordt de termijn waarbinnen ze moeten worden uitgebracht wel geschorst;
  • Het verzoek tot indiening van wijzigingsplannen met toepassing van artikel 191 van het BWRO;
  • Of zelfs de goedkeuring of weigering van de vergunning indien een openbaar onderzoek niet aan de orde is.

Ook de vergunningsaanvragers moeten niet noodzakelijk stil zitten.

Onvolledige aanvragen kunnen aangevuld worden, waardoor de aanvrager een ontvangstbewijs van volledigheid zou kunnen ontvangen, of in voorkomend geval kunnen gewijzigde plannen worden ingediend na het eventueel vereiste openbaar onderzoek en/of het eventueel vereiste advies van de overlegcommissie. Dit alles moet wel per aangetekende post te gebeuren.

Vanaf 2 april 2020 organiseert Urban.Brussels zich ook electronisch. Aanvragen kunnen digitaal worden ingediend en projectvergadering kunnen verlopen via video- en audioconferentie.

3. Wat werd er nog beslist?

De algemene vergaderingen, wijkcommissies, begeleidingscommissies en stuurgroepen in het kader van de uitwerking en de uitvoering van de tools voor stedelijke herwaardering kunnen niet samenkomen.

Met betrekking tot de premies voor de renovatie van het woonmilieu en voor de gevelverfraaiing worden volgende termijnen opgeschort:

  • de termijn waarin de aanvrager zijn onvolledige dossier mag vervolledigen;
  • de realisatietermijn van de werken.

Met betrekking tot het voorkooprecht worden de termijnen opgeschort voor:

  • de goedkeuring van de voorkoopperimeter door de Regering, indien de aanvrager een beroep ingediend heeft;
  • het volledige karakter van het dossier betreffende een verkoop die aan het voorkooprecht onderworpen is;
  • de beslissing van de houders van het voorkooprecht om dit recht al dan niet toe te passen;
  • de betekening aan de cedent van de beslissing van de houders van het voorkooprecht.

Bij een openbare verkoop in het kader van een verkoop die onderworpen is aan het voorkooprecht, moeten de eerder genoemde verplichte termijnen opgeschort worden.

 

Meer weten over dit onderwerp?

Contacteer onze experten of bel +32 (0)2 747 40 07
Koen De Puydt

Koen De Puydt

Partner
Aline Heyrman

Aline Heyrman

Senior Counsel